Volgers

maandag 19 november 2018

Nieuwe liefde


Het begon allemaal met het aanmaken van een profiel op een datingsite. Een site voor hoger opgeleiden leek me de een goede keus. 
Het schrijven van de tekst vond ik lastig, want hoe omschrijf je jezelf in een objectief en aantrekkelijk beeld, zonder gelijk je hele wezen prijs te geven. Ik realiseerde me terdege dat ik dan op het wereldwijde web te kijk zou staan voor iedereen en je weet maar nooit welke gluiperd zich dan aan je vergaapt. 
Natuurlijk wilde ik ook weer niet te arrogant en defensief overkomen, dus in bescheiden termen schreef ik dat ik een brede belangstelling heb, mij in een fijne sociale kring begeef en er nog redelijk uitzie voor mijn leeftijd. Daarnaast vond ik toch dat de eerlijkheid mij gebood om ook een tipje van de sluier van mijn mindere kwaliteiten op te lichten. Fout!
De online datingwereld is een verborgen uithoek van de maatschappij, waar andere omgangsvormen gelden. Men beschrijft zichzelf daar zonder enige gêne als de vangst van de dag. Daar ben ik gaandeweg wel achter gekomen. Mijn doelgroep is mannen boven de 55, niet het meest veelbelovende cohort, maar wel een bijzonder fascinerende groep. De tijd dringt immers. Hoe lang houdt hun prostaat het nog vol?
Na het aanmaken van een eigen profiel ging er een wereld voor me open. Ik kreeg toegang tot de catalogus van mannen, een bijna eindeloze reeks van dikke voldoendes. De sportieve bourgondiërs en levensgenieters vlogen voorbij. Allemaal jonger dan hun leeftijd zou doen vermoeden. Foto's van avonturen in de meest spannende uithoeken van de aarde bereikten mijn beeldscherm. Ik las met grote gretigheid de profielen en ondanks mijn minder wervende tekst kreeg ik toch gelijk de nodige reacties. Mijn ego groeide met de minuut.
Waar ik in mijn dagelijks leven nauwelijks potentiële kandidaten kon ontwaren, had ik hier een hele kolonie gevonden. Ik raakte al snel met een aantal matches in een virtueel gesprek en plande simultaan een aantal afspraken in. Ik had geen tijd meer om doelloos voor de tv te hangen en mailde me suf. Ik genoot van alle belangstelling en zag voor me hoe ik binnenkort weer iemand naast me zou hebben. Iemand met wie ik de hele zondag in bed kon liggen, iemand met wie ik op vakantie hand in hand op het strand kon lopen, me verheugen op het weerzien, iemand bij wie ik thuis kon komen, al hoefde dat niet letterlijk zo te zijn. Kortom het was gedaan met de eenzaamheid.

Met mijn haren gewassen, benen geschoren, nagels gelakt en omhuld met een subtiel luchtje ging ik op weg naar mijn eerste date. Ik probeerde mijn zenuwen de baas te blijven bij het binnenlopen van het gekozen etablissement. Mijn oog viel op een wat uitgeblust figuur en ik voelde een lichte paniek opkomen. O God, dat zal hem toch niet zijn? Te laat! Op datzelfde moment stak hij met een sceptische blik zijn hand met gestrekte arm uit. Hij leek tenminste de helft van het leed van de wereld met zich mee te torsen en bezorgde mij het gevoel een oppervlakkige blije geit te zijn. Niet gelijk oordelen! Misschien had hij net te horen gekregen dat zijn kat was overreden, of zijn demente moeder werd vermist. Misschien was hij wel verlegen.
Ik probeerde hoopvol het gesprek vlot te trekken bij het obligate kopje koffie. Het was een moeizame conversatie. Toen ik voorstelde over te gaan op de wijn, bleek hij belangrijker zaken op de agenda te hebben staan. Mijn voorstel voor wijn op de vroege middag en mijn kleurrijke verschijning ten spijt, een levensgenieter kon ik niet in hem ontdekken. De teleurstelling was helaas wederzijds en ik kon niet anders dan berusten in het feit dat deze man het in ieder geval niet zou worden. Gelukkig had ik nog een aantal andere pijlen op mijn boog. Zo volgden er nog een aantal ontmoetingen, waarvan de levenslust mij in de mijn nieuwe laarsjes zakte. Wat was er mis met mij? Was ik te kritisch? Moest ik het meer kans geven?
Bij de eerste de beste die mijn oppervlakkige kleurigheid wel kon waarderen belandde ik gelijk in bed en voelde ik me geliefd. Hij had genoten van de avond, zei hij, en toch bracht het daglicht weer enige twijfel bij mij naar boven. Het was gewoon onwennigheid, besloot ik.
Het weekend daarop spraken we weer af, dit keer bij hem thuis. Ik kwam in een huis met witte plavuizen en een praktisch interieur. Hij was klaarblijkelijk een nieuw leven begonnen en had alles bij zijn ex achter gelaten. Ik heb de thee maar overgeslagen en bevestigde met mijn keus voor een glas wijn, mijn bandeloze en oppervlakkige bestaan. Na het derde glas lukte het me om de alarmbellen in mijn hoofd uit te zetten, maar ik wist ook dat ik inmiddels niet meer kon rijden. Er zat dus niets anders op dan ook deze afspraak tot de volgende morgen te volbrengen. Zodra ik wakker werd keek ik naar de man naast mij die meer terminaal leek te snurken, dan levenslustig droomde over een mooie toekomst. Ook dit was niet mijn prins.
Op mijn weg naar buiten verzamelde ik geruisloos alles waar ik mee gekomen was. Laf, trok ik zachtjes de deur achter me dicht. Pas op de snelweg kwam ik weer tot mezelf. Thuis, onder de douche, spoelde ik de nacht van me af. Ik voelde me verslagen. Waarom hoopte ik toch steeds, tegen beter weten in, dat ik een kikker kon kussen, die dan zou veranderen in een woest aantrekkelijke prins. Een kikker is en blijft een kikker, helaas. Het was tijd voor voor een andere strategie.


donderdag 5 april 2018

'Moeten'


Afbeeldingsresultaat voor we can do it

Minster van OCW, mevrouw van Engelshoven is op een missie. Vrouwen moeten meer gaan werken! Waarom? Omdat zij dan financieel onafhankelijk zouden zijn, mocht er iets met hun partner gebeuren. Nou heb ik al een bijzondere hekel aan het woord 'moeten', maar daarnaast irriteert haar redenatie mij om meerdere redenen. Vrouwen zouden te kwetsbaar zijn als zij niet zelfstandig zorg kunnen dragen voor hun kinderen. Wij zouden het wat dat betreft een stuk 'slechter' doen dan de landen om ons heen. Waar blijven de mannen in dit verhaal? Die 'moeten' meer huishoudelijk werk gaan verrichten, zegt deze dame met haar emancipatoire vriendinnen. Nou heb ik zelf ook een een broertje dood aan stofzuigen en ramen lappen, maar dat kan toch niet de reden zijn voor het betoog dat mannen deze klussen meer moeten gaan doen? Dit verhaal is wel erg kort door de bocht. Wat is beter, en voor wie eigenlijk?
Volgens het World Happiness report staan in Europa, de Nederlanders, samen met alle Scandinavische landen in de top 10. Frankrijk en Duitsland zijn hier niet in terug te vinden, dus waar is het oordeel 'slechter' op gebaseerd. Kinderen krijg je met elkaar en dan bedoel ik zelfs niet alleen als ouders. Kinderen zijn de nieuwe generatie van de gehele samenleving en om de verantwoordelijkheid voor een goede opvoeding alleen bij de moeders en vrouwen neer te leggen vind ik getuigen van een nogal beperkte maatschappijvisie. Scandinavische vrouwen hebben meer full time banen, dat is zeker waar, maar de opvang en het onderwijs is daar ook wel een tikkie anders geregeld. Dit is dus appels met peren vergelijken.
Laten we nu eens niet alleen naar het gazon van de buren kijken, maar naar de complete tuin. Ik kan wel 100 oplossingen bedenken voor de armoedeval van vrouwen. Bijvoorbeeld een goede regeling voor weduwen en weduwnaars, want er zijn ook mannen die de kost verdienen en tegelijk kinderen moeten opvoeden. Betere werktijden voor ouders van jonge kinderen. lijkt me ook een uitstekende optie. Vrouwen beter voorlichten over de financiële consequenties van bepaalde keuzes, want veel vrouwen, in ieder geval van mijn generatie, laten het regelen van financiën nog steeds over aan de mannen. Veel banen waar hoofdzakelijk vrouwen werken, worden nog steeds onderbetaald. Meer werken is wat mij betreft dus niet per se de meest logische keuze. Je kunt ook gewoon meer loon eisen voor werk in de zorg, het onderwijs en andere typisch vrouwelijke beroepen.
Om nog even in de beeldspraak van het groenere gras van de buren te blijven; wat is de adder onder ons, volgens de minister, armoedige gras? Dat is een rapport van de OESO dat waarschuwt voor een tekort op de arbeidsmarkt. Dat is dus een ander verhaal dan de zogenaamde bezorgdheid over de kwetsbaarheid van vrouwen. Ook valide, maar het zet ons vrouwen wel in een andere positie dan de stumpers die in een flatje drie hoog achter dreigen te belanden.Vrouwen zijn dus nodig om de samenleving draaiende te houden. Natuurlijk zijn wij daarvoor nodig, altijd al geweest. De vraag is meer hoe we dat met elkaar gaan organiseren. Het is belangrijk om eerst de vraag helder te krijgen, voordat we een oplossing door onze strot geduwd krijgen. Zeker van een overheid verwacht ik een bredere blik dan per decreet te moeten horen hoe ik mijn leven moet inrichten en dat het ook nog eens voor mijn eigen bestwil is. Geld is wat mij betreft niet de hoogste waarde in het leven. We moeten hooguit met elkaar bedenken hoe we alle taken in de samenleving gaan verdelen. Er moet geld verdiend worden, kinderen moeten op een liefdevolle manier opgevoed en groot gebracht worden, ouderen en andere kwetsbaren verdienen een goede zorg en zo zijn er nog een heel aantal taken en vooral ook middelen te verdelen. Hoe we die verdelen en wie welke taak op zich neemt, is wat mij betreft een veel interessantere en waardevoller discussie dan de pedante stelling dat vrouwen meer moeten gaan werken.