Volgers

woensdag 8 juli 2020

Verbroedering

Een van mijn dochters heeft recentelijk meegedaan aan de Black Lives Matter demonstratie in Utrecht. Zij vroeg mij naar mijn mening rond dit thema. Ik haalde diep adem om mijn kijk op de protesten te geven, toen mijn andere dochter mij in de rede viel. "En zeg nou niet: All lives matter, want daar gaat het dus niet over".
Het werd een discussie tussen de generaties. Ik heb namelijk geen behoefte om te demonstreren. Liever probeer ik mijn eigen kleine bijdrage te leveren aan het beslechten van de xenofobie. Mijn dochter heeft het vuur van een jong mens en ik had de behoefte om mijn levenservaring te laten gelden en reageerde wat secundair. Dit zou kunnen worden opgevat als een gebrek aan engagement, en zo geschiede. 

Ik realiseer me dat ik me op zeer glad ijs begeef met dit onderwerp en toch wil ik er iets over zeggen. Niets zeggen vind te laf. Het blijft een hardnekkig fenomeen, discriminatie. Ieder mens discrimineert, dat is een overlevingsmechanisme. Je schat de ander in en maakt een afweging. Wat die afweging is, hangt af van je ervaring en inprenting. Ik ben nou eenmaal banger van een leeuw dan van een paard. Met paarden ben ik meer vertrouwd dan met leeuwen. Dat doet me denken aan de keer dat ik op safari naar mijn tent werd begeleid door een Masai man. Ik was bang voor alle ogen in de duisternis en hij lachte mij hartelijk en vierkant uit. Leeuwen, luipaarden, hyena's  en olifanten waren voor hem geen gevaar. Het enige dier waar hij bang voor was, was een waterbuffel. Hij vond het bijzonder lachwekkend dat ik het onderscheid niet kon maken. 
De eerste jaren van mijn leven heb ik in Afrika gewoond. Mijn vader werkte daar voor een oliemaatschappij. Daar kan je wat van vinden, maar dat was mijn kinderlijke werkelijkheid. Het verschil tussen mij en de Afrikaanse mensen viel mij niet op, althans, het was voor mij als kind een normale variatie.  Blond, donker, krullen, stijl, lang, klein, dik, dun, oud, jong, wit, zwart, het waren voor mij allemaal spelingen van de natuur. Ik heb eens aan de tuinman gevraagd hoe ik ook zo'n mooie platte neus kon krijgen. Hij heeft me altijd wijsgemaakt dat ik daarvoor, net als hij, tabak moest snuiven.
 
Na de moord op George Floyd echoot het in de hele wereld: "Black Lives Matter". Er wordt van alles bij gehaald wat naar mijn idee het belangrijkste vertroebelt, de verbroedering in het hier en nu. Het debat in de tweede kamer over institutioneel racisme vond ik tenenkrommend en leverde me een behoorlijke portie plaatsvervangende schaamte op. Onze volksvertegenwoordigers vervielen binnen het uur in jij-bakken en scheldpartijen. Oude koeien werden uit de sloot gehaald en weer gereanimeerd. Het was een weinig hoopvol tafereel.
Vanwege ons slavernij verleden worden beelden omver getrokken en overweegt men nieuwe straatnamen. Ik begrijp dat dat een gevoel van saamhorigheid teweeg brengt, maar doet het meer dan dat? Moeten wij (de witte Nederlanders) nu massaal boete doen voor de daden van onze verre voorouders? We rekenen zelfs Maxima terecht de daden van haar vader niet aan. Ik geloof niet dat zulke daden bijdragen aan een verbroedering. Dat is net zoiets als de foto's van je ex verbranden. Daarmee wordt het huwelijk niet ongedaan gemaakt. We moeten de geschiedenis niet verloochenen. Het gaat om de feiten, geplaatst in een juist tijdsbeeld. Bovendien doen we allemaal mee aan de moderne vorm van slavernij. We halen alleen die mensen niet meer naar ons eigen land. Nee, we kopen alleen de spullen die onder erbarmelijke omstandigheden worden gemaakt. 

Natuurlijk ben ik ook geschokt door wat mensen elkaar aandoen, helemaal als kleur de bron is. Ook ik discrimineer, ik geef het eerlijk toe. Ik heb ook vooroordelen, nog erger! Ik kan niet goed tegen 'hun-zeggers', ik ben bang voor mannen met tattoos in hun gezicht, Vrouwen met te lange nep nagels associeer ik met een beetje dom, ik denk dat alle pitbulls kleine hondjes doodbijten, ik verdenk mannen in een Speedo zwembroek van gay zijn (waar overigens helemaal niks mis mee is, houd me ten goede), alle donkere mensen zijn muzikaal, ik ben op mijn hoede voor priesters, omdat ze de kat in het donker knijpen, hoog opgeleid betekent ook een redelijke vorm van beschaving (hoe naïef) en op al deze vooroordelen ken ik minstens één uitzondering.

Discriminatie is niet zomaar uit te bannen, het zit in ons aller systeem en daar zit ook de verandering. Daarom ben ik trots dat mijn dochter gedemonstreerd heeft. Ze heeft daar allerlei mensen ontmoet en gehoord en er was belangstelling voor elkaars positie. Dat is voor mij de meerwaarde van de demonstratie. Zoals de Engelsen het zo mooi zeggen; The proof of the pudding is in the eating. 

Waar ik het bangst voor ben is dat we uit angst om iets verkeerds te zeggen, maar helemaal niets meer zeggen. Wat is er meer fnuikend dan dat? Houd geen veilige afstand, maar zoek toenadering tot elkaar en neem het risico om iets verkeerds te zeggen. Laten we vooral grappen blijven maken. Humor verbindt en daagt uit tot contact. De Ramadan conference vond ik dan ook geweldig en een aanrader voor iedereen om terug te kijken. Ik zou willen dat ik zulke grappen kon maken. Laten we elkaar plagen, uitdagen en een beetje in de maling nemen. We kennen allemaal de uitdrukking: Meisjes plagen, kusjes vragen. Vanwege Corona zijn kusjes natuurlijk uit den boze, maar knipogen mag nog steeds. 

Ik heb niet de pretentie dat ik kan begrijpen wat het betekent om met een donkere huidskleur in een overwegend witte samenleving te leven. Ik kan alleen mijn best doen om ieder mens te beoordelen op zijn of haar mens zijn. 

dinsdag 25 februari 2020

Je doet het er maar mee


Er moest nog een goed einde komen aan de verhalen over mijn date-ervaringen. Ik ben er lang er lang niet mee bezig geweest, maar in de laatste weken heb ik de hooiberg maar weer eens bezocht. Niet voor spannende avonturen, maar op zoek naar de speld. Ondanks mijn ambivalente gevoel bij het online daten heb ik er toch ook het staatsloterij gevoel bij; het zou toch kunnen...?
Ik kom er alleen achter dat ik het zeldzame talent heb om malloten te selecteren. Deze week trof ik een fervent FVD aanhanger, die direct de aanval opende toen ik zei dat we waarschijnlijk heel anders tegen de wereld en onszelf aankijken. Hij vond die opmerking bijzonder ondemocratisch en onprofessioneel van mij. Ik heb hem nog even laten weten dat 'onprofessioneel' redelijk misplaatst was, omdat ik niet op zoek was naar een collega. Daarna heb ik hem nog wel keurig het beste gewenst, zo ben ik, altijd correct. 
Wat mij het meeste uit mijn doen bracht, was het feit dat ik juist deze figuur trof tussen alle ongetwijfeld integere mannen. Ik heb er een neus voor en het is gewoon niet verantwoord mij op deze sites los te laten. Straks laat ik me nog in met een of andere gevaarlijke gek. De omschrijvingen zijn immers allemaal veelbelovend. Niemand beschrijft zichzelf als een ziekelijke stalker of een egocentrische kwal.
Het deed me denken aan Hans Wiegel die gewoon met de zus van zijn overleden vrouw is getrouwd en dat begrijp ik steeds beter. Dan weet je toch al een beetje wie iemand is en heb je al samen een geschiedenis, al is het in een andere rol. Zo begrijp ik ook dat programma's waarin mensen op zoek gaan naar oude liefdes zo populair zijn. Je wilt raakvlakken hebben en een beetje uit hetzelfde hout gesneden zijn.
Daarom lijkt het mij het beste als mijn dierbaren een man voor mij uitzoeken. Waar mijn dochters altijd van kilometers afstand konden zien dat het een verkeerde keus was, probeerde ik nog het beste in iemand te ontdekken. Achteraf moest ik ze met enige tegenzin gelijk geven. Ik heb geen idee hoe zij het kunnen zien, maar na n=10 moet ik toegeven dat het onderzoek onomstotelijk vaststelt dat zij een gave hebben die bij mij volstrekt ontbreekt. Ook vrienden hebben mij regelmatig met opgetrokken wenkbrauwen aangekeken. Verbaal neutraal, maar hun gezichten spraken boekdelen. Nou zijn al die ontmoetingen niet voor niets geweest, want de verhalen zorgen nog steeds voor hilariteit op feesten en partijen.
Ik denk dat ik dus maar een commissie in het leven moet roepen die een geschikte kandidaat voor mij gaat selecteren. Mijn vrienden kennen mij vaak beter dan ik mezelf ken en ik moet er maar op vertrouwen dat ze het beste met mij voor hebben. Dat scheelt mij een hoop gedoe en teleurstelling en kan ik mijn reputatie misschien nog enigszins redden. Ik zie mijn dochters al voor me. Op een goede dag komen zij dan mijn nieuwe liefde aan me voorstellen met de mededeling; Je doet het er maar mee, maak er wat van! Moeders is onder de pannen.
Als mijn dierbaren het een goede vent vinden is dat al de helft van het succes. Op deze leeftijd moet je toch in elkaars leven en entourage kunnen voegen, zonder jezelf te verloochenen.
Maar beter nog kan ik me richten op serendipiteit, het bij toeval vinden van iets waar je niet echt naar op zoek bent. Martin Bril heeft het in zijn gedicht 'Kunst' zo mooi verwoord: 'zoeken heeft dus nauwelijks zin, maar vinden wel. De kunst is zo te leven dat het je overkomt.'